Na een jaar lang onderzoek concludeert het Openbaar Ministerie (OM) dat er onvoldoende bewijs is om V. te vervolgen. Hij is geen verdachte meer. V. (31) werd in april vorig jaar aangehouden. Hij werkte sinds oktober 2019 voor het Wilhelmina Ziekenhuis (WZA) in Assen. De sterfgevallen waar het om draait zijn allemaal uit de periode maart 2020 tot mei 2022, tijdens de coronapandemie. Hij was in die tijd verpleegkundige in het ziekenhuis en werkte op de longafdeling waar coronapatiënten werden behandeld.

Zijn aanhouding volgde op een brief die het ziekenhuis had ontvangen van een zorgorganisatie uit Drenthe. V. voerde een aantal gesprekken met diverse hulpverleners. In die gesprekken gaf hij meerdere malen aan dat hij als longverpleegkundige tijdens de coronapandemie het leven van een twintigtal patiënten voortijdig had beëindigd. Dit zou hij hebben gedaan door het toedienen van extra morfine of door het stoppen van de beademingsapparatuur. Zijn uitlatingen werden dusdanig serieus opgevat door de zorgorganisatie dat ze besloot de geheimhoudingsplicht te doorbreken en het te melden aan het ziekenhuis.
Begin juni liet V. via advocaat Tjalling van der Goot echter al weten dat hij ontkent al die mensen te hebben gedood, hij zou verkeerd zijn begrepen. Hij kwam toen ook weer op vrije voeten.
Justitie gaat verder met het onderzoek. Wat het lastig maakt is, dat de patiënten overleden waren aan corona, waar toen nog weinig over bekend was. Een ander punt is, dat het toedienen van morfine en het werken met beademingsapparatuur normale handelingen zijn voor een verpleegkundige.
Voor de nabestaanden is er nog steeds onzekerheid. Hoewel het OM geen bewijs heeft, blijft de vraag waarom V dan zou hebben gezegd, dat hij mensen uit hun lijden wilde verlossen. Sommige nabestaanden willen alsnog zelf het dossier inzien. Slachtofferadvocaat Sébas Diekstra, die meerdere nabestaanden bijstaat in de zaak rondom V., laat in een reactie weten: ‘Het is een loodzware en onzekere tijd voor cliënten geweest. Terwijl de strafzaak tegen V. is geëindigd, blijft er nog altijd veel onduidelijk en blijven belangrijke vragen onbeantwoord.’
