Naam: David Edward Maust

Bijnaam: Crazy Dave

Geboren: 5 april 1954 Connellsville Pennsylvania

Overleden: 20 januari 2006

Aantal moorden: 5

Straf: levenslang

Jeugd

David Edward Maust wordt geboren op 5 april 1954 in Connellsville Pennsylvania. Connellsville is een klein dorp zo’n 80 kilometer ten zuiden van Pittsburgh. Het dorp is omgeven door prachtige bossen en glooiende heuvels. De inwoners van dit dorp zijn vooral mijnwerkers, spoorwegarbeiders en andere geharde arbeiders die met hun handen werken. Zo ook de vader van David, George. Hij maakt lange dagen bij de spoorwegmaatschappij en komt vaak pas ’s nachts na middernacht thuis. Hij maakt niet daadwerkelijk zoveel uren op zijn werk, maar duikt na zijn werk de kroeg in. Naast een drankprobleem heeft George ook problemen met zijn vrouw Eva. 

Het huwelijk met Eva is niet goed. Eva is een kleine, magere vrouw met scherpe gelaatstrekken en is erg temperamentvol. Ze komt oorspronkelijk uit Wrightsville, Georgia, en er wordt gezegd dat ze met George is getrouwd om aan haar eenvoudige boerenleven te ontsnappen. Van liefde tussen George en Eva is geen sprake. Eva neemt het haar man kwalijk dat hij haar de hele dag alleen thuis achterlaat. En omdat hij zo lang van huis is, richt ze al haar frustratie op haar kinderen. 

Vooral de kleine David moet het ontgelden. Ook zijn twee jongere zusjes hebben te lijden onder verbaal en fysiek geweld, maar David krijgt de volle laag van zijn moeders woede over zich heen. Het kan zijn dat David vooral doelwit is, omdat hij qua uiterlijk het meest op George lijkt. Voor zijn gevoel verzint Eva, vanaf het moment dat ze van hem bevallen is, redenen om boos op hem te zijn. Hij krijgt soms dagenlang geen eten en wordt urenlang alleen achtergelaten terwijl hij nog maar een peuter is. Ze scheldt hem uit en slaat hem. Tussen de mishandelingen door gedraagt Eva zich lief tegenover David en biedt ze haar excuses aan voor alles wat ze heeft gedaan. Het lijkt Eva een goed gevoel te geven om te zien hoe David de straffen ondergaat en toch van haar blijft houden. Dit geeft haar een gevoel van macht. 

Eva kampt met psychische problemen. Ze lijdt aan depressies, paranoia en mogelijk ook psychoses. Hierdoor heeft ze vaak last van stemmingswisselingen en is ze onvoorspelbaar voor haar kinderen. Maar in plaats van een hekel te krijgen aan zijn moeder vanwege haar onvoorspelbare manier waarop ze hem behandelt, verlangt David juist des te meer naar haar liefde. Omdat zijn moeder na de mishandeling altijd lief tegen hem is, ziet hij niet hoe slecht zijn moeder hem behandelt. Hij betrekt de woede-uitbarstingen van zijn moeder op zichzelf. Hij zal wel iets fout gedaan hebben. Hij is niet goed genoeg. Als hij de volgende keer harder zijn best doet, maakt hij zijn moeder niet boos. Elke keer als zijn moeder weer excuses aanbiedt, is het meteen al weer goed voor David. Zo raakt hij steeds meer afhankelijk van de goedkeuring van zijn moeder. Elke keer als hij deze niet krijgt, groeit zijn zelfhaat. 

Op Davids vierde verjaardag kan hij niet wachten op zijn cadeautjes en een feestje. Zijn moeder vertelt hem echter, dat hij nog even geduld moet hebben en dat ze later op de dag een feestje zullen vieren. Vervolgens zet ze hem in zijn kinderstoel en gaat ze zelf een dutje doen op de bank. David is echter te opgewonden om stil te blijven zitten. Hij probeert uit zijn kinderstoel te klimmen, maar blijft met zijn voet haken en valt op de plavuizenvloer. Als Eva David bewusteloos op de grond aantreft, sleept ze hem geïrriteerd naar de woonkamer. Tegen de tijd dat David bijkomt begint hij te braken en krijgt hij stuiptrekkingen. Opeens kan hij niets meer zien. Hij hoort alleen nog de boze stem van zijn moeder en is doodsbang. Uiteindelijk brengt Eva hem naar het ziekenhuis. Zij constateren, dat David door de val traumatisch hersenletsel heeft opgelopen, wat tot hersenschade zou kunnen leiden. 

Na die dag voelt David zich lustelozer en stiller dan voorheen. Eva wordt alleen nog maar bozer op hem. In augustus 1958 bevalt Eva van nog een zoon, Jeffrey, maar de bevalling verloopt moeizaam. Na twee operaties krijgt ze te horen dat ze geen kinderen meer kan krijgen. Dit nieuws, in combinatie met haar reeds bestaande psychische problemen, komt hard aan bij Eva. Ze krijgt een emotionele inzinking, waardoor ze in 1958 op de psychiatrische afdeling van het Connellsville State Hospital terechtkomt. 

Als Eva een maand weer naar huis mag, lijkt er weinig veranderd. Ze heeft nog steeds woede-uitbarstingen. Als David zes jaar oud is wordt zijn toch al turbulente jeugd volledig op zijn kop gezet. In februari 1960 wordt vader George ontslagen bij de spoorwegen. Omdat ze nergens anders heen kunnen, pakt het gezin zijn spullen en verhuist naar Wrightsville Georgia, de plaats waar Eva is opgegroeid en waar ze jaren eerder aan was ontsnapt door met George te trouwen. Eva vindt het vreselijk om te moeten terugkeren naar deze plek en daarom gedraagt ze zich na aankomst nog wreder tegenover David. Zo pakt ze tijdens de koude nachten zijn dekens af, waardoor David ligt te rillen in zijn bed. Wrightsville biedt David echter ook meer vrijheid dan hij eerder heeft gehad. Hij en zijn broer brengen de hele dag buiten door. Ze verkennen de velden en bossen en spelen in de vele beekjes. Dit komt vooral doordat Eva David steeds het huis uit wil hebben, maar dat vindt hij nu niet erg. Hij geniet van het avontuur en de ruimte om te kunnen spelen. In Georgia lijkt het erop dat David eindelijk kind kan zijn. 

Humboldt Park

Dat duurt alleen niet lang. Een jaar later vindt George een baan in Chicago Illinois. Dus in juni 1961 verhuist het gezin naar Humboldt Park, in wijk in Chicago die bekend staat om zijn armoede en criminaliteit. Deze overgang van de rustige natuur naar de luidruchtige, overvolle stad hakt erin bij David. 

In Georgia ging David nauwelijks naar school, dus hij loopt flink achter met de leerstof. Tot overmaat van ramp wordt hij door kinderen uit de buurt bespot omdat hij als een ‘hillbilly’ wordt gezien. Dit is een benaming voor een arme bewoners van afgelegen plattelandsgebieden. De versleten kleding van David en zijn broers en zussen was op de boerderij in Georgia heel normaal, maar op de speelplaatsen in de stad worden ze ermee gepest. De gevoelige David kan hier niet mee omgaan en hunkert naar de goedkeuring van de andere kinderen. Hij probeert zichzelf te bewijzen door stoer gedrag, zoals brandstichten en kleine diefstallen plegen. Hij sluipt ’s nachts stiekem het huis uit om naar het park te rennen en daar alleen te spelen. Hoewel David bang is voor de straffen van zijn moeder, geeft het overtreden van de regels hem ook een gevoel van controle en macht. Toch is dit voor hem niet genoeg om de chaos thuis en het nare gevoel door het pesten te verdringen. 

In 1962 gaan Eva en George uit elkaar. George verlaat het gezin en de kinderen blijven bij Eva in Humboldt Park in Chicago wonen. In principe is dit een verbetering gezien zijn drankprobleem, de vele ruzies tussen Eva en George en het feit dat hij zijn vrouw mishandelde. Maar door zijn vertrek voelt Eva zich eenzamer dan ooit. Op dagen dat ze zich slecht voelt, reageert ze haar frustratie af op David. Ze maakt hem duidelijk dat hij nooit geboren had moeten worden en alleen maar een last is. Haar woorden laten David klein voelen. En ’s nachts is de mishandeling nog erger. Midden in de nacht schudt Eva David wakker en maant hem bij haar in bed te slapen. David grijpt die kans met beide handen aan, dolblij dat hij dicht bij zijn moeder kan zijn. Maar zodra ze onder de lakens liggen, misbruikt ze hem seksueel. 

De achtjarige David schrikt ’s nachts steeds vaker wakker, badend in het zweet na weer een nachtmerrie. Daarom sluipt hij nog vaker in de nacht het huis uit, in de hoop aan zijn eigen dromen te kunnen ontsnappen. Op een nacht in maart 1963 glipt hij ook naar buiten en neemt zijn jongere broertje Jeffrey mee. De twee gaan voetballen en op een bepaald moment belandt de bal in een vijver. Jeffrey wil de bal pakker, maar valt in het water en komt volledig doorweekt thuis. De jongens verwachten een pak slaag bij thuiskomst, maar in eerste instantie doet Eva helemaal niets. 

De volgende dag brengt hij David naar zijn vader en zegt tegen hem, dat hij daar maar moet blijven wonen. George heeft echter geen zin om voor zijn zoon te zorgen en brengt hem de volgende dag alweer terug bij zijn moeder. Zodra David bij Eva op de stoep staat zegt ze: ‘Ik kom hoe dan ook van je af, dus je kunt maar beter weglopen.’ De negenjarige David zou niet weten waar hij naartoe zou moeten gaan. In zijn ogen zal niemand hebben willen, aangezien zelfs zijn eigen ouders graag van hem af willen. 

Eva maakt haar belofte waar. Achter Davids rug om stapt ze naar de familierechtbank. Ze verklaart voor de rechter dat David zó gewelddadig en psychisch verstoord is, dat zijn gedrag alleen nog door professionals kan worden aangepakt. De rechter willigt haar verzoek in en vaardigt een officiële rechterlijke machtiging uit om David gedwongen te laten opnemen.

In juli 1963 zegt Eva tegen David dat ze samen een uitstapje gaan maken. Omdat David altijd hunkert naar de aandacht van zijn moeder, is hij dolblij om eindelijk eens iets leuks met haar te gaan doen. Ze pakken de bus en een tijdje later komen ze aan bij een statig gebouw met prachtige zuilen aan de voorzijde. Boven de ingang staat op een bord: Chicago State Hospital. Ze gaan samen naar binnen en niet veel later loopt Eva weer alleen naar buiten. David blijft alleen achter in de psychiatrisch kliniek. 

Chicago State Hospital

Daar wordt hij op een grote zaal geplaatst, samen met 50 andere kinderen. De psychiatrische afdeling van het Chicago State Hospital staat bekend om het gebrek aan zorg en menselijkheid. De hygiënische omstandigheden zijn verschrikkelijk en patiënten krijgen geen adequate medische zorg. Ze krijgen niet de aandacht die ze nodig hebben en mensen met allerlei aandoeningen worden zonder enige overweging bij elkaar gezet. 

Heel af en toe komt Eva op bezoek, maar alleen omdat dit verplicht is om David in de kliniek te houden. Als ze een bezoek weer eens overslaat, verzint David smoesjes en vertelt hij de verpleegkundigen dat ze waarschijnlijk verkouden is of last heeft van haar rug. David móet zichzelf ervan overtuigen dat zijn moeder van hem houdt, ondanks dat alles het tegendeel bewijst. Als Eva al de moeite neemt om te komen, is ze altijd afstandelijk. Maar aan het einde van een bezoek buigt ze zich voorover en kust David innig op zijn mond. 

Als de verpleegkundigen het verontrustende gedrag opmerken, beperken ze de toch al karige bezoekmomenten van Eva. Maar David begrijpt niet wat er aan de hand is. Het enige wat hij weet, is dat de afwezigheid van zijn moeder hem pijn doet. De momenten waarop hij haar mag zien, zijn een lichtpuntje in zijn eentonige nieuwe bestaan. Het leven in het Chicago State Hospital is dodelijk saai. Het helpt ook niet dat David daar geen vrienden maakt. Hij voelt zich geïntimideerd, omringd door zoveel kinderen met hun eigen problemen. De jongen die links naast hem slaapt, draagt een masker omdat hij voortdurend zijn hoofd tegen de grond slaat. Het meisje rechts naast hem moet constant overgeven en zit altijd onder. Op een dag ziet David een vlieg op haar lippen zitten, maar het meisje beweegt niet. Op dat moment beseft hij dat ze niet meer ademt. Ze is overleden zonder dat iemand het heeft opgemerkt. Het dringt tot David door dat hij niet kan rekenen op zijn leeftijdsgenoten en zelfs niet op de volwassenen die de leiding hebben. 

Vanaf dan trekt hij zich volledig terug in zichzelf. Hij laat geen emoties meer zien in het bijzijn van anderen en doet geen moeite meer om contact te maken. Rond diezelfde tijd begint hij een stem te horen in zijn hoofd. Deze biedt hem troost en rust. Maar de stem vertelt hem ook wat hij moet doen. De ene keer vertelt de stem dat hij moet ontsnappen uit de kliniek, de andere keer vertelt ie dat hij zijn moeder maar moet vergeten omdat ze toch nooit om hem gegeven heeft. 

David heeft het idee, dat hij nooit meer vrijgelaten zal worden uit de kliniek. Tegelijk beginnen de verpleegkundigen ernstig te twijfelen of David hier wel thuishoort. Zij zien niet de gevaarlijke jongen, die Eva had omschreven, maar juist een gevoelige betrouwbare jongen. Ze hebben gemerkt, dat hij slim en welbespraakt is en een voorliefde heeft voor sport. Zo weet hij alles over de rijke geschiedenis van sport in Illinois en kent alle statistieken van bijvoorbeeld The Chicago Bulls en The Bears uit zijn hoofd. 

Het Chicago State Hospital besluit in juni 1967, dat de inmiddels 13-jarige David hier na vier jaar niet meer thuis hoort. Er is echter een probleem. Eva weigert haar zoon weer in huis te nemen. Ze is inmiddels getrouwd met een andere man en zegt geen ruimte te hebben voor haar zogenaamd gevaarlijke zoon. David zit helemaal stuk. Hij had gehoopt na vier jaar eindelijk weer deel uit te kunnen maken van een gezin. Deze afwijzing betrekt hij op zichzelf. Zijn conclusie is: als mijn eigen moeder niet van mij kan houden en mij als een monster ziet, dan bén ik waarschijnlijk ook een monster. 

David wordt in het Uhlich Children’s Home geplaatst, een kindertehuis in het oosten van de stad. Ironisch genoeg is dit tehuis slechts enkele straten verwijderd van waar zijn moeder woont met haar nieuwe gezin. Na zo lang in een streng gereguleerde en beperkende omgeving te hebben geleefd, is David verbaasd over de vrijheid die hij bij Uhlich krijgt. Er zijn uitstapjes, ze hoeven pas laat in de avond terug te zijn en hij mag vrij buiten het terrein rondlopen. Maar als één van de andere jongens te weten komt dat David in een psychiatrische kliniek heeft gewoond, bedreigt hij David. In de jaren 60 is het een schande om psychiatrisch patiënt te zijn. Als David doet wat hij zegt, zal hij zijn geheim niet vertellen. De jongen neemt David mee naar een lege kamer en zegt tegen hem, dat hij zich moet uitkleden. David doet wat hij zegt en vervolgens wordt hij over zijn hele lichaam betast. Dit zal daarna nog vele malen gebeuren.

Aanvankelijk voelt het niet goed voor David, maar na verloop van tijd merkt hij dat andere jongens zich stiekem terugtrekken voor soortgelijke contacten. Ze zijn niet per se op zoek naar seksuele partners, waar ze behoefte aan hebben, is lichamelijk contact. Velen van hen hebben jarenlang een gebrek aan aanraking gehad. David zelf heeft het grootste deel van zijn leven zonder lichamelijke aandacht doorgebracht. Daarom besluit hij in januari 1968 om deze methode zelf eens te proberen. Hij biedt zijn beste vriend Donnie een pakje sigaretten aan in ruil voor fysiek contact. Donnie ging akkoord en de twee brengen enkele uren door met zoenen en strelen. Ze spelen ook het ‘knock-outspel’, iets wat in de instelling populair is. Eén van de jongens knijpt de keel van een ander dicht totdat diegene buiten bewustzijn raakt of, wat vaker voorkomt, doet alsof hij bewusteloos is. Vervolgens mag de aanvaller, volgens de afgesproken regels, zijn slachtoffer aanraken. Het draait bij dit spel meer om de intimiteit dan om macht. Dit is de enige manier waarop ze die intimiteit kunnen krijgen. Enerzijds geniet David hiervan, anderzijds schaamt hij zich voor deze intieme contacten. 

Over het algemeen heeft hij het prima naar zijn zin in het tehuis. Hij heeft eindelijk vrienden en meer vrijheid dan ooit. Toch is zijn gemoedstoestand verscheurd. Hij voelt zich vaak humeurig en agressief en is opvliegend. Als iets hem van streek maakt, ontsteekt hij in woede en vernielt hij zijn eigen spullen, om er vervolgens meteen weer spijt van te krijgen. De stem in zijn hoofd vertelt hem dan weer hoe dom hij is geweest. Maar de stem gaat verder. Hij vertelt hem, dat hij jongens van het gebouw af moet gooien of hun hoofd onder wat moet duwen. De stem vertelt hem, dat de andere jongens dat verdienen. 

In maart 1970 doet zich een ander incident voor. Zijn beste vriend Donnie vraagt David om weer het knock-outspel te spelen. David gaat met hem mee naar een lege kamer. Maar Donnie wil meer dan alleen aanrakingen. Hij begint David innig te zoenen, totdat David hem vraagt hem hiermee te stoppen. Teleurgesteld draait Donnie zich van hem af, hij wil niet verder met het spel. David is gefrustreerd. Hij wil niet gekust worden, maar wel aangeraakt. Op dat moment wordt hij ijskoud. Donnie is een klootzak, denkt hij. En terwijl hij erover nadenkt, maakt zijn ergernis plaats voor een intense woede. David rukt een elektriciteitssnoer uit het stopcontact en wikkelt het om Donnies nek. Vervolgens trekt hij zo hard dat er bloed op de lippen van zijn vriend verschijnt. David laat verschrikt het snoer uit zijn handen vallen. Hij knielt naast Donnie om hem vast te houden en biedt zijn excuses aan. Hoewel een stem in zijn hoofd hem een ​​lafaard noemt omdat hij is gestopt, brengt David Donnie naar de verpleegpost. Donnie wordt naar de spoedeisende hulp gebracht en David denkt dat de zaak daarmee is afgedaan. 

Maar een week later spreekt een medewerker van het tehuis David met een ernstige blik aan. Donnie heeft verteld wat er is gebeurd en Uhlich duldt geen geweld. David wordt teruggebracht naar het Chicago State Hospital. Als hij hier een maand verblijft ontsnapt David samen met twee andere jongemannen. Voor het eerst in zijn leven kan hij gaan en staan ​​waar hij wil. Hoewel zijn stem hem aanspoort om deze nieuwe kans te grijpen, is er maar één plek waar David wil zijn: bij zijn moeder. 

In april 1970 staat de zestienjarige David weer bij zijn moeder op de stoep. Eva is woedend als ze hem ziet, maar tot zijn opluchting stuurt ze hem niet direct terug naar het ziekenhuis. Eva beseft dat, als ze hem zou laten opnemen, ze hem weer zal moeten bezoeken. Ze wil van hem af en zet David op de bus naar Georgia, waar hij bij haar familie kan wonen. David trekt in bij zijn oom Bob. Hij heeft verschillende baantjes in de bouw en voelt zich nuttig. Maar zoals alles in zijn leven, is ook dit van korte duur. Hoewel David hard werkt, weet hij niet hoe hij zich tegenover klanten moet gedragen. Daarom stelt zijn oom voor dat David in dienst gaat. In die tijd vechten de Verenigde Staten in Vietnam en David ziet het niet zitten om voor zijn land te doden. Bovendien is hij nog te jong om in dienst te gaan. Dan belt zijn moeder hem plotseling en vraagt of hij weer bij haar wil komen wonen. David vindt het vreemd, maar hij wil niets liever. Nog diezelfde dag zit hij in de bus naar Chicago. 

Het wordt niet de liefdevolle hereniging die hij zich had voorgesteld. Bij aankomst vertelt Eva hem dat hij in militaire dienst moet gaan, zodat hij haar financieel kan bijstaan. Alles in hem schreeuwt dat hij het niet moet doen, maar David kan de drang niet weerstaan ​​om zijn moeder een plezier te doen. Misschien zal ze eindelijk van hem houden als hij dit doet. Eva heeft alles tot in de puntjes uitgedacht. Zij vult Davids aanmeldingsformulier voor hem in en geeft daarbij een valse geboortedatum op. Ze verzwijgt uiteraard zijn psychiatrisch verleden. 

Amerikaanse basis in Frankfurt

Voor hij het weet, wordt hij goedgekeurd en eind 1971 meldt David zich bij het militaire kamp in Fort Ord, Californië, waar hij wordt ingedeeld als hulpkok. Ondertussen volgt hij cursussen aan de militaire kookschool. Als hij zijn opleiding heeft afgerond krijgt hij het bevel zich te melden in Frankfurt, Duitsland. Er blijkt niets spannends aan te zijn daar. Sterker nog, zijn dagen bestaan voornamelijk uit drinken, gokken en bowlen. David wordt een fervent bowler en komt in het lokale team van het leger terecht. Aanvankelijk worstelt hij zich door de wedstrijden heen om zijn eer te redden, maar al snel ontdekt hij dat hij de sport geweldig vindt en er erg goed in is. Hij brengt al zijn vrije tijd door in de plaatselijke bowlingbaan om aan zijn spel te werken. Binnen enkele weken is hij de beste speler van zijn team. De bowlingbaan is een ontmoetingsplek voor officieren en hun gezinnen. Daar leert David de tienerzonen van de leidinggevenden kennen en sluit hij vriendschap met hen. Zijn leeftijd ligt tenslotte dichter bij de zonen dan bij die van veel van zijn mede-militairen. Ook de jongens vinden het leuk om met David om te gaan en kijken tegen hem op. Hij bowlt met ze, maar laat hen ook kennis maken met het knock-outspel. Twee jongens zijn erg geïnteresseerd in het spel. Ze halen David elke keer weer over om dit spel met hen te spelen. David worstelt met zijn gevoelens tegenover hen. Een deel van hem wil voor ze zorgen en met hen spelen, terwijl een ander deel zijn handen om hun keel wil drukken en ze wil wurgen. In de maanden erna komt hij meerdere keren in de verleiding om toe te geven aan zijn gewelddadige drang tegenover zijn nieuwe vrienden, maar hij houdt zich altijd net op tijd in. 

Misdaden

David heeft het idee, dat één van de jongens, de 15-jarige zoon van een officier verliefd op hem is. Deze jongen blijft maar achter hem aanlopen en David wordt er onrustig van. De jongen begint hem te irriteren, waardoor zijn moordneigingen bijna onhoudbaar zijn geworden. Op de avond van 26 mei 1974 gaat de 20-jarige David weer eens bowlen. Op de bowlingbaan komt de lastige jongen weer naar hem toe. Net als David hem aan wil vallen, vraagt de 15-jarige of hij op de brommer van David mag rijden. Eerder die week had David de brommer in Frankfurt gestolen om wat te doen te hebben op de saaie kazerne. Hij geeft de 15-jarige toestemming om wat te gaan crossen op zijn brommer. Ondertussen gaat David een paar potjes bowlen en gelukkig nemen daarna zijn moordneigingen weer af. 

Als de jongen weer weer terug is met zijn brommer en David op het punt staat om naar huis te gaan, wordt hij geroepen door een andere zoon van een officier, de 13-jarige Jimmy McClister. Ook hij wil een ritje maken op zijn brommer. Opeens komen de moordneigingen in alle hevigheid weer terug. David heeft zichzelf niet meer in de hand. Hij zegt tegen Jimmy, dat hij even moet wachten en rent snel terug naar zijn kamer. Daar haalt hij de veters uit zijn kistjes. Vervolgens stapt hij samen met Jimmy op zijn brommer en rijden ze een bos in. David stuurt zijn brommer een doodlopende weg in en zet hem aan de kant. Hij stapt af en gaat voor de verbaasde Jimmy staan. David haalt een mes uit zijn zak en bedreigt hem ermee. Hij begint Jimmy ervan te beschuldigen roddels over hem te verspreiden en de andere jongens te vertellen dat David niet deugt. Dat klopte niet, maar David lijkt een rechtvaardiging te willen voor wat hij van plan is te doen. Hij sleept Jimmy naar een boom en bindt hem er met de schoenveters aan vast. De jongen stamelt verontschuldigingen en probeert David rustig te maken. Maar David voelt alleen maar woede. Jimmy is zo bang voor zijn vriend, dat hij flauwvalt. Het zien van dit bewustzijnsverlies is het laatste zetje dat David nodig heeft om echt in actie te komen. Flauwvallen of doen dat je slaapt zijn in Davids ogen tekenen dat je met iemand kan doen wat je maar wilt. Dat is wat hij gewend is. Dus in plaats van weg te rennen, zoals hij bij eerdere woedeaanvallen heeft gedaan, pakt David een houten plank van de grond. Hij ramt deze keer op keer zo hard als hij kan tegen Jimmy’s lichaam. Hij blijft op Jimmy inslaan tot de jongen bijna dood is. Dan maakt hij zijn slappe lichaam los van de boom en tilt hem in zijn armen. Hij draagt hem verder het bos in, terwijl de ademhaling van de jongen zwaar en onregelmatig is. Als Jimmy’s ademhaling stopt, legt David hem op de grond. En terwijl hij boven Jimmy’s lichaam staat, komt zijn geest tot rust. Tegelijk heeft hij enorme spijt. Terwijl hij worstelt met zijn complexe gevoelens, weet hij dat hij het lichaam moet verbergen. Hij herpakt zich en begint een gat in de bosgrond te graven. Als het groot genoeg is, legde hij Jimmy erin, vult het gat weer op en laat hem achter. 

Op de kazerne merken Jimmy’s familie en vrienden zijn verdwijning onmiddellijk op en slaan alarm. 

De 15-jarige jongen, die eerder die avond op de brommer van David zat, vertelt de autoriteiten over Davids brommer. Hij zegt, dat hij eerder die avond met David op de brommer had gereden en het zou kunnen, dat Jimmy daarna mogelijk met hem mee is gereden. Daarnaast heeft collega-militair Jimmy die avond nog gezien. De militair was aan het wandelen in een bos en zag Jimmy daar lopen. Hij geeft aan, dat hij in datzelfde bos David zag rijden met een brommer.

Als ze dit horen, benaderen de Amerikaanse militaire autoriteiten David om hem te ondervragen over Jimmy’s verdwijning. David zegt echter van niets te weten. Hij geeft toe, dat hij die avond met de brommer door het bos reed, maar ontkent dat hij Jimmy daar heeft gezien. Dit zegt hij zo overtuigend, dat ze hem meteen weer laten gaan. 

Een maand later vindt een toevallige voorbijganger het lichaam van Jimmy McClister in het bos. Destijds was David het enige aanknopingspunt bij de verdwijning van Jimmy, dus de politie besluit hem toch weer te verhoren. Dit keer voeren ze de druk wat op. Ze zeggen tegen David, dat hij daar door een collega is gezien samen met Jimmy. Dan vertelt David, dat ze gelijk hebben. Hij zegt, dat ze samen op de brommer zaten en dat ze over de kop zijn gevlogen. Tijdens dat ongeluk zou Jimmy zijn verongelukt. David zegt, dat hij zo in paniek was, dat hij daarna het lichaam van Jimmy heeft begraven in het bos. 

David heeft het geluk, dat het lichaam van Jimmy al zover ontbonden is, dat de patholoog niet met 100% zekerheid kan vaststellen, dat hij is vermoord. Volgens de deskundige is er ook een kans, dat Jimmy is verongelukt.

In december 1974 moet David voorkomen voor de Amerikaanse krijgsraad in Duitsland. Hij wordt aangeklaagd voor moord. David geeft toe, dat hij een brommer heeft gestolen en dat hij er onverantwoord mee door het bos heeft gecrosst. Zijn verdediging geeft aan, dat niet bewezen kan worden dat Jimmy is vermoord. De rechter gaat hierin mee. David wordt veroordeeld voor onvrijwillige doodslag en diefstal van een brommer. Hiervoor krijgt hij vier jaar gevangenisstraf. Deze moet hij uitzitten in de militaire gevangenis in Fort Leavenworth in Kansas in de VS. 

Fort Leavenworth in Kansas

Eenmaal in de gevangenis is David eigenlijk wel blij, dat hij vast zit. Nu kan hij niemand kwaad doen. Hij hoeft niet bang te zijn voor de steeds terugkerende drang om te moorden, hij heeft immers geen enkele mogelijkheid hier. David gebruikt zijn tijd goed en behaalt alsnog zijn middelbare schooldiploma. Hij bloeit hier helemaal op door de structuur en vaste routines. De muren van de gevangenis geven hem een gevoel van veiligheid en geborgenheid. Dankzij zijn goede gedrag komt David al na twee jaar in aanmerking voor vervroegde vrijlating, maar hij wijst deze mogelijkheid af. Hij vertelt de autoriteiten letterlijk dat hij te gevaarlijk is voor de samenleving. 

Een paar maanden later raakt David bevriend met een man genaamd Luke. Luke is een knappe jongen uit het uit Georgia met een mysterieus litteken op zijn borst en David voelt zich tot hem aangetrokken. Hij wil een vriend, iemand met wie hij een band kan opbouwen. Nerveus knoopt hij een gesprekje met hem aan. Hij stelt zich voor en vertelt dat hij dat hij een deel van zijn jeugd in Georgia heeft doorgebracht. Vanaf dat moment zijn de twee onafscheidelijk. Ze doen kaartspelletje, praten en stoeien met elkaar. Het is niet duidelijk of de relatie ooit seksueel of romantisch van aard wordt, maar er is wel sprake van een diepe band. David merkt dat hij met Luke over alles kan praten. Maar hoe hechter de band tussen David en Luke wordt, des te meer dit Davids woede aanwakkert. Iets aan Luke brengt hem van zijn stuk en ze krijgen een enorme ruzie. Een paar dagen later krijgt David echter spijt van zijn gedrag. Hij is er kapot van dat hij zijn beste en enige vriend is kwijtgeraakt. Hij smeekt hem om vergeving en na een tijdje accepteert Luke zijn excuses. De twee mannen brengen hun tijd achter de tralies verder zonder incidenten door, terwijl ze geduldig hun straf uitzitten. Als David in 1977 opnieuw in aanmerking komt voor vervroegde vrijlating, gaat hij wel akkoord. In mei van dat jaar verlaat de 23-jarige de gevangenis als vrij man. 

Kort daarna kwam ook Luke vrij uit de gevangenis en verhuizen de twee mannen samen naar Savannah, Georgia. Daar doen ze allerlei klusjes om het hoofd boven water te houden. Verder maken ze optimaal gebruik van hun vrijheid. De meeste avonden brengen ze door met drinken, blowen en proberen vrouwen te versieren. Ze hebben de tijd van hun leven, ware het niet dat Davids honger naar geweld met de dag weer toeneemt. De drang om Luke pijn te doen, laat David niet meer los. Die impuls is een voortdurende kwelling voor hem. 

Op een avond in januari 1978 heeft hij zichzelf niet meer in de hand. Na een avondje uit strompelen David en Luke naar huis. Zodra ze binnenkomen, kleedt Luke zich uit en valt hij in slaap. David wordt getriggerd door het zien van de naakte, bewusteloze man. Het doet hem denken aan het knockout spelletje uit zijn, waarin hij alles mocht doen met het bewusteloze lichaam. David pakt een mes uit de keuken en gaat boven Luke staan. Hij kijkt hoe zijn ribbenkast uitzet en weer inklapt bij elke ademhaling. Plotseling steekt David in één snelle beweging het mes in het bovenlijf van zijn vriend. Als hij ziet, dat Luke maar blijft bloeden, raakt David in paniek. Hij schudt Luke wakker en belt 911. Tot zijn opluchting kunnen zij het leven Luke redden. Luke kan zich niets herinneren van die avond. David vertelt hem en de politie, dat hij al met deze verwondingen thuis is gekomen. Daarmee is de zaak afgedaan. 

Terwijl Luke in Georgia herstelt van zijn verwondingen, verhuist David in april 1978 naar Chicago om in een machinefabriek te gaan werken. Omdat hij zijn vriend mist, regelt David een baan voor Luke bij hem in de buurt in Chicago. Maar op het moment dat Luke bij hem intrekt, kan David opnieuw zijn impulsen niet bedwingen. David sluipt de kamer van Luke binnen en richt een vuurwapen op het hoofd van zijn vriend. Hij haalt de trekker over. Er gebeurt niets. Het wapen weigert. 

Luke schrikt wakker en de blikken van de twee mannen kruisen elkaar. Luke beseft plotseling dat David degene is geweest die hem maanden eerder heeft neergestoken. David weet dat zijn vriendschap met Luke voorbij is. Luke grist het wapen uit Davids handen en loopt weg. De volgende dag schrijft hij een brief aan David waarin hij laat weten dat hij hem nooit meer wil zien, maar dat hij hoopt dat David hulp gaat zoeken. Daarna vertrekt hij.

David blijft worstelen met eenzaamheid en zijn moordimpulsen. Eind 1978 komt de 19-jarige Scott werken bij hetzelfde metaalbewerkingsbedrijf als David. De twee kunnen het goed met elkaar vinden en David hoopt op een nieuwe diepe vriendschap zoals hij met Luke heeft gehad. Scott is echter zelfstandiger dan Luke, hij heeft eigen vrienden en een eigen gezin.

In september 1979 gaan de twee vrienden een weekendje flink doorzakken. Beide nachten blijft Scott bij David slapen. Terwijl Scott slaapt, misbruikt David hem seksueel. Aan het eind van het weekend buigt David zich met een mes over zijn vriend heen, terwijl de stem in zijn hoofd hem aanmoedigt. Hij steekt Scott één keer neer, maar Scott schrikt wakker en begint terug te vechten. David houdt hem in bedwang en wurgt hem. Plotseling komt David weer bij zinnen. In paniek laat hij Scotts keel los. Geschokt door wat hij heeft gedaan, belde hij 911. De hulp komt op tijd en Scotts leven wordt gered. In tegenstelling tot Luke vertelt Scott wél de politie wat er is gebeurd. 

David wordt aangehouden. Hij weet niet meer wat hij met zichzelf en zijn leven aan moet. Hij begint zichzelf te verwonden. Hij wil niets liever dan een plek waar hij opgesloten zit zonder ooit nog iemand kwaad te doen. Tijdens zijn rechtszaak in 1980 zegt hij echter uit zelfverdediging te hebben gehandeld. Zijn drang tot controle over de rechtszaak is groter, dan zijn verlangen om vast te zitten en niemand meer pijn te doen. Zijn controledrang zorgt ervoor, dat er precies gebeurt wat hij níet wil. De jury gelooft hem en David wordt vrijgesproken van poging tot moord. Tot zijn eigen ongenoegen is hij weer vrij man. 

Op de ochtend van 9 augustus 1981, ongeveer twee jaar nadat hij Scott heeft neergestoken, wordt David wakker met een intense moorddrang. Hij weet wie zijn slachtoffer moet worden: de jongen, die hem ooit in het Uhlich Children’s Home onder dwang betastte omdat hij anders aan iedereen zou vertellen dat David in een psychiatrisch kliniek had gezeten. In zijn ogen is deze jongen de oorzaak van alle ellende uit zijn leven. Hij rijdt naar de jongen toe en parkeert zijn auto hij voor zijn huis. Al bier drinkend wacht hij urenlang tot de jongeman zijn huis uitkomt. Terwijl de spanning in hem verder oploopt, ziet hij een andere jongen op straat lopen. Het is de 15-jarige Donald Jones. David spreekt hem aan en vraagt of hij hem wil helpen met wat klusjes, zodat hij wat geld kan verdienen. Dat wil Donald wel. 

Hij stapt bij David in de auto en samen gaan ze op weg. David rijdt naar Elgin, een voorstad van Chicago op ongeveer een uur rijden ten westen van de stad. Daar reed hij zijn auto een verlaten steengroeve in. De twee pakken wat te drinken en lopen langs het spoor tot ze bij een vijver komen. Daar gaan ze zitten, openen hun biertjes en brengen wat tijd door met drinken en kletsen. Als Donald dronken is, grijpt David zijn kans. Hij duwt de jongen tegen de grond en slaat hem bewusteloos. Vervolgens haalt hij een mes tevoorschijn en steekt het in Donalds buik. Daarna duwt hij de jongen in de vijver en houdt hem net zolang onder water, tot Donald is verdronken. David stapt weer in zijn auto en gaat terug naar huis.

Een paar dagen later wordt het lichaam van Donald gevonden in de vijver. David is door getuigen met Donald gezien en wordt nog wel ondervraagd door de politie. Hij wordt echter niet als verdachte gezien en kan zonder aanklacht weer gaan. David besluit om Chicago te verlaten. Hij hoopt op een andere plek met een schone lei te kunnen beginnen. 

David vestigt zich in Texas en hoopt zijn gewelddadige impulsen in Illinois achter te laten. Dit blijkt ijdele hoop. In oktober 1981, een week na aankomst, spreekt David een groep tienerjongens aan met de vraag of ze een klusje voor hem willen doen. Eén van de jongens stapt bij hem in de auto en samen rijden ze naar een motel. Daar aangekomen bindt David de jongen vast en slaat hem met een pijp op het hoofd. Opeens ziet David waar hij mee bezig is en stopt onmiddellijk. Huilend brengt hij de tiener terug naar zijn vrienden in geeft zichzelf aan bij de politie. Hij weet dat hij alleen kan stoppen als hij achter de tralies zit. Hij bekent echter niet alleen de mishandeling van de tiener, maar ook de moord op Donald Jones in Illinois. 

In januari 1983 wordt David veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor de mishandeling. Niet veel later wordt hij overgeplaatst naar de gevangenis van Cook County  in Illinois zodat ze hem daar kunnen vervolgen voor de moord op Donald Jones. David vraagt het openbaar ministerie om de doodstraf. Volgens hem is dit de enige manier om te voorkomen dat hij anderen nog iets aandoet. Niet lang daarna doet hij twee zelfmoordpogingen in zijn cel. Hierdoor wordt hij niet bekwaam geacht om terecht te staan en sturen ze hem naar het Elgin Mental Health Center. Daar worden ondermeer een angststoornis, depressieve stoornis en borderline bij hem vastgesteld. 

Begin jaren 90 wordt hij veroordeeld voor de moord op Donald Jones. In plaats van de doodstraf krijgt hij 35 jaar gevangenisstraf. Net als tijdens zijn eerdere detentie komt David wegens goed gedrag in aanmerking voor vervroegde vrijlating. Na 15 jaar wordt hij in 1999 vrijgelaten. Hij betrekt samen met een andere ex-gedetineerde een appartement in Oak Park, net buiten Chicago en krijgt een baan bij een bedrijf genaamd Trophies Are Us. Hoewel hij het gezelschap van zijn huisgenoot prettig vindt, voelt David zijn impulsen al weer groeien. Hij probeert nog zijn huisgenoot met een smoes weg te sturen, maar deze haalt zijn schouders op en blijft daar wonen. 

In januari 2001 gaat het dan ook weer mis. De inmiddels 47-jarige David valt hem aan met een loden pijp. Hij slaat hem helemaal bont en blauw, maar weet zichzelf te stoppen voordat hij hem vermoord. Hij brengt zijn huisgenoot zelf naar het ziekenhuis. Het slachtoffer legt echter tegenstrijdige verklaringen af ​​over het incident. Daardoor ontloopt David vervolging voor de mishandeling. Om zichzelf en anderen te beschermen sluit hij zichzelf twee jaar lang volledig af voor de buitenwereld.

Begin 2003 verhuist hij naar Hammond, Indiana, net over de grens met Illinois. Hij woont dichtbij genoeg om te blijven pendelen naar zijn werk. Daarnaast houdt hij zich bezig met klusjes rond zijn appartement. Naast zijn werk is zijn reclasseringsambtenaar de enige met wie hij contact heeft. Maar dan krijgt David een nieuwe collega bij Trophies Are Us, de 19-jarige Nicholas James. David vindt hem meteen interessant. Binnen een week nodigt hij Nicholas bij hem thuis uit voor een biertje. Ze brengen steeds meer tijd met elkaar door, maar hun vriendschap is turbulent. Volgens David komt het initiatief steeds van zijn kant profiteert Nicholas alleen maar van hem. Dit doet David denken aan zijn moeder, die hem steeds weer aantrok en afstootte. 

Terwijl David steeds wanhopiger verlangt naar Nicholas’ genegenheid slaat zijn eenzaamheid langzaam om in woede. Uiteindelijk hakt hij de knoop door. Het is tijd om van Nicholas af te komen. Op vrijdag 2 mei 2003 nodigt hij de tiener bij hem thuis uit met de belofte hem mee te nemen naar een feest op een boot. Als Nicholas arriveert, biedt David hem een ​​biertje en een joint aan. Als Nicholas flink onder invloed is, zegt David dat hij zijn ogen moet sluiten, omdat hij een verrassing voor hem heeft. David pakt een loden pijp en slaat Nicholas hard op zijn hoofd. Nicholas valt bewusteloos op de grond. David slaat hem nog een paar keer en legt zijn lichaam daarna op een stuk zeil. Hij trekt een biertje open en gaat een stukje verderop zitten luisteren naar de zware ademhaling van de tiener. Als hij zijn biertje op heeft, pakt hij een stuk touw wurgt Nicholas dood. Daarna wikkelt hij het lichaam in het plastic zeil en brengt het naar de kelder, waar hij bezig is de cementvloer te vervangen. Hij spuit het lichaam in met paarse verf om de geur van ontbinding te maskeren. Daarna laat Nicholas in het gat zakken, die hij heeft gegraven voor de nieuwe cementvloer. Vervolgens overgiet hij hem met cement. 

De weken daarna worstelt David met de angst en schaamte over de moord. De verdwijning van Nicholas James veroorzaakt echter nauwelijks ophef in de gemeenschap. Hij wordt als vermist opgegeven, maar het lijkt erop dat de onderzoekers geen idee hebben wat er met hem kan zijn gebeurd. David is niet meer te stoppen.

Op 5 juli 2003 gaat David langs bij het zwembad van Hammond op zoek naar een nieuw slachtoffer. Als hij de 13-jarige Michael Dennis lachend en vol levenslust bij het zwembad ziet, weet hij dat hij zijn nieuwe doelwit moet worden. Hij roept de jongen bij zich en vraagt of hij interesse heeft in een klusje: auto’s besturen en pakketjes bezorgen. Michael ziet dit wel zitten en een paar dagen later komt hij naar Davids huis. In de maanden erna komt Michael regelmatig over de vloer bij David. Vaak neemt hij zijn vriend mee, de 16-jarige James Raganyi. Ze vermaken zich prima met zijn drieën,  maar David wil Michael voor zichzelf hebben. In zijn hoofd betekent dat maar één ding. 

Hij graaft opnieuw een gat in zijn kelder en op 10 september 2003 is hij klaar om toe te slaan. Michael en James komen rond 9 uur ’s ochtends langs, klaar voor een leuke dag. Ze hebben een briefje voor hun ouders achtergelaten waarin staat dat ze van huis zijn weggelopen. Of David hen dit briefje heeft laten schrijven is onduidelijk. Ze stappen met z’n drieën in Davids auto en gaan op pad. Als ze ’s avonds thuiskomen spelen ze poker en worden ze dronken. Rond 22.00 uur vallen de jongens in slaap. 

David haalt diep adem en zet zich schrap. Hij begon met James. De zestienjarige ligt op de vloer van de slaapkamer en David gaat boven hem staan. Hij wurgt hem dood met een touw. Daarna wikkelt hij zijn lichaam in plastic en sleept hem naar zijn kelder. Daarna is Michael aan de beurt. Ook hem wurgt hij dood. Hij legt zijn lichaam naast dat van James in het gat in zijn kelder. Hij giet cement over de lichamen en gaat naar bed gaan. 

Aanvankelijk trekt de verdwijning van Michael en James niet veel aandacht. De twee jongens blijven wel vaker ergens anders slapen en ze hebben een briefje geschreven voor hun ouders. Na een paar dagen beginnen de moeders van James en Michael zich toch zorgen te maken en geven ze hun zoons als vermist op. 

Arrestatie en rechtszaak

Als de politie hoort dat de jongens omgegaan met David Maust, gaan alle alarmbellen af. Ze zien al snel, dat hij eerder is veroordeeld voor het doden van twee tienerjongens. De politie gaat bij David langs, maar hij beweert Michael en James al twee weken niet meer te hebben gezien. De rechercheurs hebben een vreemd gevoel bij de 49-jarige David, maar hebben geen reden om hem aan te houden. 

Maar dan komt op 20 november 2003 de huisbaas van David bij de politie. Hij vond het al vreemd, dat David geheel vrijwillig zelf de fundering van zijn kelder heeft vervangen. De laatste weken rook hij rond het appartement van David een vreemde geur en zijn er opvallend veel vliegen. Als de huisbaas hoort over de vermiste tieners vreest hij het ergste. De politie gaat samen met de huisbaas het pand binnen terwijl David niet thuis is. Ze hebben een wijkhonden meegenomen en deze blijven maar rondjes lopen rondom het beton in de kelder. 

Een paar weken later, op 9 december 2003, breken rechercheurs als David naar zijn werk is de betonlaag open. Er komt een enorme stank vrij. De volgende dag komt de politie terug om de lichamen te bergen. Dan zien ze ook het lichaam van Nicholas James, die in mei 2003 als vermist was opgegeven. Zodra  de autoriteiten alle drie de lichamen hebben geborgen wordt er een arrestatiebevel voor David uitgevaardigd. Als David van zijn werk naar huis fietst, wordt hij aangehouden door de politie. Hij biedt geen enkele weerstand. Diep vanbinnen heeft hij hier al op gewacht. 

David bekent al snel de drie moorden en wordt opgesloten in de Lake County Jail. Zijn rechtszaak begint een jaar later. Het is een merkwaardig proces. David pleit opeens onschuldig te zijn. Er wordt hem echter een schikking aangeboden. Als hij alle drie de moorden toegeeft en een volledige bekentenis aflegt, krijgt hij drie opeenvolgende levenslange gevangenisstraffen. Eind 2005 gaat David akkoord met de schikking en bekent hij publiekelijk schuld. 

Op donderdagmorgen 19 januari 2006 wordt David door een gevangenisbewaarder gevonden in zijn cel. Hij heeft van zijn beddengoed een strop gevlochten en zichzelf daarmee opgehangen aan de tralies van zijn cel. Hij leeft nog en wordt met spoed naar het ziekenhuis gebracht. Daar sterft hij een dag later, op 20 januari 2006. 

Naast zijn lichaam vinden de bewakers een handgeschreven afscheidsbrief van vijf pagina’s. In de brief biecht hij officieel alle vijf de moorden op die hij in zijn leven heeft gepleegd. Hij biedt zijn oprechte excuses aan de families van de slachtoffers aan. Verder schrijft hij dat hij teleurgesteld is dat hij niet de doodstraf heeft gekregen, omdat dat is wat hij heeft verdiend. Hij vindt het absurd, dat de Amerikaanse belastingbetaler moet betalen om hem te voeden en te huisvesten. Hij schrijft letterlijk: ‘Sterven is niet mijn eerste keuze, maar het is het juiste om te doen. Misschien kunnen de families en de mensen met mijn dood doorgaan met hun leven en geen energie meer verspillen aan de vraag waarom ik nog in leven ben.’ Ook doet hij in de brief een schokkende uitspraak over zijn moeder Eva. Hij vraagt zich af waarom ze hem als kind niet gewoon in zijn kinderbadje heeft verdronken. Daarmee waren alle latere moorden voorkomen. David Edward Maust wordt 51 jaar oud. 

Aanbevolen

Onderstaande documentaire geeft een goed beeld van het leven van David Maust.